Gevederde Slang  
Gevederde Slang » Scheppingsmythen

Het scheppingsverhaal van de Maori

Gerelateerd nieuws

Maandag 17 september 2007

In het begin was er niets, helemaal niets.
Toen kwam de pikdonkere nacht en even later ontstond een licht wat niet groter was dan een worm. De hemelvader, de god Ranginui en zijn vrouw Papatuanuku, de godin van de aarde verschenen op aarde, waar nog niets kon groeien omdat er geen licht was.
Ze kregen twee kinderen: Tumatauenga, de god van het bos en Twahiri, de god van de wind. Deze kinderen werden gevangen gehouden in de omarming van hun ouders. Het lukte Tumatauenga om zijn ouders een heel klein stukje uit elkaar te duwen door zijn schouders tegen de aarde en zijn voeten tegen de hemel te duwen.
Hij duwde jaren achtereen en hakte uiteindelijk de spieren waarmee zijn ouders elkaar vasthielden stuk, waardoor er een vuurrode aarde ontstond. En er kwam langzamerhand licht op aarde en bomen en planten begonnen te groeien.
De godenkinderen ontsnapten en gaven de aarde vorm. Tumatauenga maakte de zon en versierde de hemel met sterren. Hij maakte ook zijn eerste vrouw, Hine en kreeg kinderen, de eerste Maori. Papatuanuku en Ranginui waren diep ongelukkig en konden niet meer stoppen met huilen.
Uiteindelijk ontstonden uit de tranen van Ranginui rivieren en zeeën..

De Noorse mythe

Gerelateerd nieuws

Zaterdag 14 juli 2007

De Noorse scheppingsmythe is één van de bekendste mythen in West Europa en wordt vaak gekoppeld aan de oorspronkelijke bewoners van de Scandinavische landen, de Vikingen. De Vikingen geloofden dat het universum verdeeld was in twee delen die gescheiden waren door een enorme kloof. Het ene deel bestond uit vuur en werd bewoond door de vuurreuzen, het andere deel bestond uit ijs.
In het ijsgedeelte leefde de koe Audhumbla. Zij likte aan het ijs om Ymir, de ijsreus te bevrijden. Uit de oksel van Ymir werden drie kinderen geschapen: Odin, Vili en Ve.
Vili en Ve, die tevreden waren met de schepping en erin rond wilden trekken gingen hun eigen weg. Hun volgelingen werden de Wanen genoemd. Odin, die niet tevreden was ging een andere weg en zijn volgelingen werden de Asen genoemd. Volgens overleveringen schonk Odin, de oppergod van de Vikingen, twee paarden met karren aan zijn scheppingen 'moeder nacht' en haar 'zoon, de dag'. Daarmee bewogen zij langs de hemelboog. Ieder twaalf uur lang, achtervolgd door schimmige wolven. Als eerste vertrok 'moeder nacht' met het paard Hrimfakse, van wiens schuimende mond spetters dauw neerdaalden. Dan kwam 'zoon dag' met zijn paard Skinfakse, van wiens manenboog het ochtendlicht straalde.

Aboriginals - Droomtijd

Gerelateerd nieuws

Zaterdag 14 juli 2007

De Aboriginals zijn de oorspronkelijke bewoners van het Australische continent. Zo'n 60 000 jaar geleden kwamen vanuit Azië toen het zeeniveau veel lager was dan nu het geval is. Door hun isolement ontwikkelden de aboriginals een unieke verteltraditie. De verhalen spelen zich af in de droomtijd, hun eigen scheppingsmythe waarin alles ontstond.
Het droomtijd verhaal handelt over het begin van het leven, toen de voorouders opstegen als een reuzenslang uit het hart van de aarde. Ze gaven de aarde bergen en rivieren en schiepen het leven. Zodra een voorouder (een mytisch wezen) iets aanraakte, werd het aangeraakte doordrenkt met geestkracht. Deze kracht kon overgaan op andere voorwerpen en levende wezens, zoals dieren en planten en ook bergen, rivieren en grotten.
Meestal waren dit opmerkelijke punten die tot op de dag van vandaag als heilige plaatsen worden beschouwd en worden nog steeds gebruikt voor rituelen en ceremonieën. De droomtijd is niet alleen de periode voor het bestaan op aarde, maar tegelijkertijd ook het hiernamaals, waar ongeborenen leven en doden zullen terugkeren.
Volgens de Aboriginals sterft de ziel niet tegelijk met het lichaam en ceremonieën zijn nodig om zeker te zijn dat de ziel van de overledene reïncarneert in een boom, rots, dier of een ander mens.